Rechtbank Rotterdam 7 januari 2010 (taplast), LJN **BK8553**

De rechtbank stelt vast dat, gelet op het bepaalde in artikel 1.1, aanhef en onder ff, van de Tw, een e-maildienst een openbare telecommunicatiedienst in de zin van de Tw is. Daaruit volgt dat de artikelen 13.1 (verplichte aftapbaarheid) en 13.2 (medewerkingsplicht) van de Tw in dit geding van toepassing zijn. Dit betekent dat aanbieders hun netwerk zodanig moeten inrichten dat taplasten kunnen worden uitgevoerd en zij moeten meewerken aan de uitvoering van bevoegd gegeven taplasten.
De rechtbank is van oordeel dat Multikabel bij de uitvoering van taplast ULI4113 niet volledig aan haar medewerkingsplicht heeft voldaan.
De formulering van de last is leidend voor de omvang van de verplichting die op de aanbieder rust tot medewerking aan de uitvoering van een bevoegd gegeven taplast. Dit volgt onder meer uit de parlementaire behandeling van de Tw en uit hetgeen is bepaald in artikel 2, aanhef en onder a, van het Besluit. In de betreffende taplast, die door de ULI aan Multikabel is doorgeleid, werd “telecommunicatie gevoerd door middel van het betreffende e-mailadres” gevorderd. Hierin is geen beperking aangeduid, in die zin dat het alleen om inkomende e-mail zou gaan, noch is deze naar het oordeel van de rechtbank gebrekkig geformuleerd. Het ging om het doorgeven van alle telecommunicatie gevoerd door middel van het betreffende e-mailadres, dus zowel inkomende als uitgaande e-mail. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, treedt de in de taplast van Multikabel gevraagde medewerking niet buiten de wettelijke verplichtingen die uit artikel 13.1 en 13.2 van de Tw voortvloeien.

Vast staat dat de door Multikabel geplaatste e-mailtap niet alle inkomende e-mail heeft afgeleverd en helemaal geen uitgaande e-mail. Derhalve heeft Multikabel niet volledig meegewerkt aan de uitvoering van de betreffende taplast. Dat Multikabel het uitgaande
e-mailverkeer op basis van een IP-tapbevel had kunnen aftappen, kan hieraan niet afdoen. Op Multikabel rustte op grond van de taplast ULI4113 de verplichting het (in- en uitgaande) e-mailverkeer af te tappen. Met een IP-tap wordt al het verkeer afgetapt dat via een bepaalde internetaansluiting wordt gevoerd, hetgeen dus niet is beperkt tot e-mailverkeer. De keuze om alleen e-mailverkeer af te tappen of alle telecommunicatie over een IP-adres, is er een die door de Officier wordt gemaakt. Dit staat niet ter beoordeling van Multikabel. Indien het voor Multikabel overigens niet duidelijk was wat van haar werd verlangd, had het voor de hand gelegen contact op te nemen met de ULI of met de Officier.
Dat de technische wijze van tappen die Multikabel gekozen heeft het niet mogelijk maakt om uitgaande e-mail te tappen, dient voor rekening en verantwoordelijkheid van Multikabel te komen. De rechtbank merkt daarbij op dat door eiseres niet is betwist dat het technisch mogelijk is om uitgaande e-mail te tappen.

Dat de herkomst van uitgaand e-mailverkeer onbetrouwbaar kan zijn, doet evenmin af aan de verplichting om ook uitgaande e-mail af te tappen. De waardering van de afgetapte gegevens is de verantwoordelijkheid van de Officier.
Nu het niet per omgaande overleggen van verifieerbare gegevens na het niet goed functioneren van een (al dan niet onverwijld) uitgevoerde tap niet gelijk staat aan een overtreding van artikel 13.2 van de Tw in verbinding met artikel 2, aanhef en onder b, van het Besluit, kan Multikabel in zoverre niet worden verweten deze bepalingen te hebben overtreden.